Fasenmodel besluitvorming – Vroom Yetton

Doel: In groepen tot een besluit komen op basis van voorgeschreven regels

De afkortingen verwijzen naar de 8 vragen die verderop besproken worden. 

Achtergrond van het model

Besluiten nemen is niet altijd eenvoudig.
Een manager heeft soms te weinig informatie.
Er moeten vaak veel onderwerpen tegelijk worden afgewogen.
Ervaring kan ontbreken.
Meningen van anderen spelen een rol.
Vuistregels en vooroordelen beïnvloeden het besluit.

Besluitvorming wordt extra lastig wanneer er weinig tijd is.
Het Vroom Yetton model helpt managers bij dit proces.

Het model is later uitgebreid en geactualiseerd.
Er worden drie manieren van besluitvorming onderscheiden.
Dit zijn individuele besluitvorming, consultatieve besluitvorming en groepsbesluitvorming.

Daarnaast kent het model vijf stijlen van besluitvorming.
De manager analyseert de situatie en kiest de meest passende stijl.

Het model bestaat uit twee onderdelen.

Vijf mogelijke stijlen van participatie bij besluitvorming
Deze lopen van sterk autocratisch tot sterk groepsgericht.

Acht situaties waarin leiderschap nodig is
Deze situaties gaan over de kwaliteit van het besluit en het draagvlak bij medewerkers.

Toepassing Fasenmodel besluitvorming Vroom Yetton

De vijf besluitvormingsstijlen liggen op een schaal.
Deze schaal loopt van sterk autocratisch naar sterk democratisch.

De AI en AII stijl zijn sterk autocratisch.
De CI en CII stijl zijn consultatief en gebaseerd op overleg.
De GII stijl is gebaseerd op groepsbesluitvorming.

De manager gebruikt een beslisboom.
In deze boom volgt de manager vaste regels.
Door het beantwoorden van vragen komt de manager uit bij de juiste stijl.

Het model houdt rekening met het gedrag van de manager.
Ook de mate van deelname van anderen wordt meegenomen.

De regels helpen bij het bepalen hoeveel invloed anderen krijgen.
De vragen worden beantwoord met ja of nee of met hoog of laag.

De vragen gaan over taakstructuur en besluitkwaliteit.
Ook het draagvlak bij medewerkers speelt een rol.

De volgende vragen worden gebruikt.

  1. KA = Kwaliteitsaspect
    Hoe belangrijk is de technische kwaliteit van het besluit?
  2. DV =Draagvlak aspect
    Hoe belangrijk is het draagvlak van de medewerkers bij dit besluit?
  3. IM = Informatiebeschikbaarheid voor de manager
    Heeft de manager voldoende informatie om een kwalitatief goede beslissing te nemen? 
  4. PS = Probleem structuur
    Is het probleem duidelijk gestructureerd en heeft een juiste probleemanalyse plaatsgevonden?
  5. DW = Draagvlak waarschijnlijkheid
    Wanneer de manager het besluit zelfstandig neemt, is deze manager er dan van overtuigd dat hij of zij op draagvlak van de medewerkers kan rekenen?
  6. DO = Doelovereenstemming
    Zijn de medewerkers het eens met de organisatiedoelstellingen die bereikt worden door het oplossen van dit probleem. 
  7. CM = Conflicterende medewerkers
    Bestaat de mogelijkheid dat medewerkers in conflict komen op basis van andere oplossingsvoorstellen?
  8. IO = Informatiebeschikbaarheid voor de ondergeschikten

Beschikken ondergeschikten over voldoende informatie om kwalitatieve goede beslissingen te nemen?

Resultaat van het model

Het model helpt bij het kiezen van het juiste besluitvormingsproces.
Het gekozen besluit kan rekenen op steun van betrokkenen.

Daardoor worden besluiten beter uitgevoerd.
Dit leidt tot betere resultaten voor de organisatie.

Aandachtsgebieden Fasenmodel besluitvorming Vroom Yetton

Het model is goed toepasbaar maar complex.
Het kost tijd om alle vragen zorgvuldig te beantwoorden.

Afstemming en informatie verzamelen kosten tijd.
Daarom is het model minder geschikt wanneer snel besloten moet worden.

Het model werkt het beste in nieuwe of onbekende situaties.
Na oefening kan het ook sneller worden toegepast in bekende situaties.

Auteur: Vroom, Yetton, Jago

Jaar ontwikkeld:  1973

Literatuur

Vroom, V., Yetton, P., (1973), Leadership and decision-Making, University of Pittsburg Press

Vroom, V., Jago, A., (1988). The New Leadership: Managing Participation in Organizations. Englewood Cliffs, NJ: Prentice-Hall

Law, J., (2009), A dictionary of Business and management, Oxford University Press

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Download dit artikel (PDF)

Fasenmodel besluitvorming – Vroom Yetton

Doel: In groepen tot een besluit komen op basis van voorgeschreven regels

De afkortingen verwijzen naar de 8 vragen die verderop besproken worden. 

Achtergrond van het model

Besluiten nemen is niet altijd eenvoudig.
Een manager heeft soms te weinig informatie.
Er moeten vaak veel onderwerpen tegelijk worden afgewogen.
Ervaring kan ontbreken.
Meningen van anderen spelen een rol.
Vuistregels en vooroordelen beïnvloeden het besluit.

Besluitvorming wordt extra lastig wanneer er weinig tijd is.
Het Vroom Yetton model helpt managers bij dit proces.

Het model is later uitgebreid en geactualiseerd.
Er worden drie manieren van besluitvorming onderscheiden.
Dit zijn individuele besluitvorming, consultatieve besluitvorming en groepsbesluitvorming.

Daarnaast kent het model vijf stijlen van besluitvorming.
De manager analyseert de situatie en kiest de meest passende stijl.

Het model bestaat uit twee onderdelen.

Vijf mogelijke stijlen van participatie bij besluitvorming
Deze lopen van sterk autocratisch tot sterk groepsgericht.

Acht situaties waarin leiderschap nodig is
Deze situaties gaan over de kwaliteit van het besluit en het draagvlak bij medewerkers.

Toepassing Fasenmodel besluitvorming Vroom Yetton

De vijf besluitvormingsstijlen liggen op een schaal.
Deze schaal loopt van sterk autocratisch naar sterk democratisch.

De AI en AII stijl zijn sterk autocratisch.
De CI en CII stijl zijn consultatief en gebaseerd op overleg.
De GII stijl is gebaseerd op groepsbesluitvorming.

De manager gebruikt een beslisboom.
In deze boom volgt de manager vaste regels.
Door het beantwoorden van vragen komt de manager uit bij de juiste stijl.

Het model houdt rekening met het gedrag van de manager.
Ook de mate van deelname van anderen wordt meegenomen.

De regels helpen bij het bepalen hoeveel invloed anderen krijgen.
De vragen worden beantwoord met ja of nee of met hoog of laag.

De vragen gaan over taakstructuur en besluitkwaliteit.
Ook het draagvlak bij medewerkers speelt een rol.

De volgende vragen worden gebruikt.

  1. KA = Kwaliteitsaspect
    Hoe belangrijk is de technische kwaliteit van het besluit?
  2. DV =Draagvlak aspect
    Hoe belangrijk is het draagvlak van de medewerkers bij dit besluit?
  3. IM = Informatiebeschikbaarheid voor de manager
    Heeft de manager voldoende informatie om een kwalitatief goede beslissing te nemen? 
  4. PS = Probleem structuur
    Is het probleem duidelijk gestructureerd en heeft een juiste probleemanalyse plaatsgevonden?
  5. DW = Draagvlak waarschijnlijkheid
    Wanneer de manager het besluit zelfstandig neemt, is deze manager er dan van overtuigd dat hij of zij op draagvlak van de medewerkers kan rekenen?
  6. DO = Doelovereenstemming
    Zijn de medewerkers het eens met de organisatiedoelstellingen die bereikt worden door het oplossen van dit probleem. 
  7. CM = Conflicterende medewerkers
    Bestaat de mogelijkheid dat medewerkers in conflict komen op basis van andere oplossingsvoorstellen?
  8. IO = Informatiebeschikbaarheid voor de ondergeschikten

Beschikken ondergeschikten over voldoende informatie om kwalitatieve goede beslissingen te nemen?

Resultaat van het model

Het model helpt bij het kiezen van het juiste besluitvormingsproces.
Het gekozen besluit kan rekenen op steun van betrokkenen.

Daardoor worden besluiten beter uitgevoerd.
Dit leidt tot betere resultaten voor de organisatie.

Aandachtsgebieden Fasenmodel besluitvorming Vroom Yetton

Het model is goed toepasbaar maar complex.
Het kost tijd om alle vragen zorgvuldig te beantwoorden.

Afstemming en informatie verzamelen kosten tijd.
Daarom is het model minder geschikt wanneer snel besloten moet worden.

Het model werkt het beste in nieuwe of onbekende situaties.
Na oefening kan het ook sneller worden toegepast in bekende situaties.

Auteur: Vroom, Yetton, Jago

Jaar ontwikkeld:  1973

Literatuur

Vroom, V., Yetton, P., (1973), Leadership and decision-Making, University of Pittsburg Press

Vroom, V., Jago, A., (1988). The New Leadership: Managing Participation in Organizations. Englewood Cliffs, NJ: Prentice-Hall

Law, J., (2009), A dictionary of Business and management, Oxford University Press

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Download ‘Fasenmodel besluitvorming – Vroom Yetton’ als PDF

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Na het downloaden van dit artikel ontvang je diverse tips over Business modellen. Met het downloaden ga je akkoord met ons privacy statement.